Naïef zijn is een talent

“Wat wil je later worden?” is de vraag in de map. En erachter in groene stift en grote letters staat geschreven “uitvinder”.

Mijn oudste moest voor huiswerk beantwoorden wie hij is en wat hij denkt te gaan worden. Vragen waar ik, voor mijn gevoel, al mijn hele leven mee worstel, beantwoord hij binnen een paar tellen. Hij wil uitvinder worden. Zonder een idee of hij de juiste talenten heeft om het werkelijk te worden, is hij tóch zo zeker van zijn antwoord dat hij het groen en groot in de map heeft geschreven.

Bij het Universum begin deze maand heb jij misschien wel een eikeltje geplant met een bepaalde eikenboom in je hoofd. Die eikenboom is als het antwoord van mijn zoontje. Een wens, een verlangen om waar te maken, zonder te weten wat er voor nodig en welke talenten je bezit om het waar te maken.

Het ontdekken van je talenten hoort bij de grote Arcana de Dwaas. Zijn talenten zitten nog verborgen in de knapzak achter zijn rug. Hij kan ze letterlijk nog niet zien. Met de gedachte “IK heb het nooit gedaan, dus ik denk dat ik ’t wel kan” loopt hij de wereld in en ontdekt en ervaart wat er te ontdekken en te ervaren valt.

Wij volwassenen doen hier minder luchtig over en vinden de Dwaas maar naïef zoals hij elk moment van een klif dreigt af te stappen. Uit angst om zelf als dwaas of naïef bestempeld te worden:

  • geven we ons zelf te weinig credits
  • durven we niet eerlijk toe te geven wat we eigenlijk écht leuk vinden
  • praten we niet over onze passies, omdat we dan anderen er maar mee vervelen
  • zijn we blind voor onze rol in de groep en horen we niet dat we steeds eenzelfde soort hulpvraag ontvangen

Kleine kinderen hebben hier een stuk minder last van.

  • Zij hebben geen probleem met zeggen waar ze goed in zijn of wat ze écht leuk vinden
  • Zij praten graag en honderduit over wat hen bezig houdt
  • en zij passen zich heel eenvoudig aan, aan hun rol in een groep

“Ja”, zeggen de volwassenen dan in tegenspraak, “kinderen vinden al snel iets goed en wij zijn op zoek naar het ware talent!”.

Ergens onderweg is de betekenis van het woord ‘talent’ veranderd van iets goed kunnen tot ergens de beste in zijn. En die zoektocht naar perfectie is de perfecte rationalisering om vooral niet die ‘leap of faith’ te nemen. Want dat is wat onze dappere dodo’s van kinderen elke dag weer doen. Ze spelen zonder bang te zijn om te vallen en ondertussen leren ze wat er in hun knapzak aan talenten verborgen ligt.

Een ‘leap of faith’. Misschien kijken we verkeerd naar die Dwaas. Misschien dreigt hij helemaal neit van die klif te vallen, maar neemt hij een ‘leap of faith’. Toont hij ons hóe onze talenten te ontdekken. Roept hij ons op om buiten die welbekende comfortzone te stappen. Dus laten we, als onze kinderen, gaan spelen zonder bang te zijn voor het vallen. En laten we ontdekken wat er in onze knapzak zit om die eikenboom te laten groeien.

En mocht iemand je dwaas of naïef noemen? Ach, het is de maand van Valentijn en Carnaval. Wie is er niet dwaas deze dagen? Liefs, Imke